Ga na wat er is gebeurd en daarna wat het slachtoffer mankeert
Punt 2 van de 5 punten is: ga na wat er is gebeurd en daarna wat het slachtoffer mankeert. Dit kan door te vragen en te kijken. Vragen kan aan het slachtoffer als deze aanspreekbaar is en/of aan omstanders als die er zijn. Kijk naar "stille getuigen". Stille getuigen zijn voorwerpen of dingen die zonder dat ze kunnen praten, vertellen wat er gebeurd kan zijn. Op deze manier kun je een inschatting maken of er nog steeds gevaar dreigt en wat er mogelijk met het slachtoffer gebeurd is.
Stel: iemand heeft een ongeluk gehad bij het koken. Vlam in de pan. Hij of zij komt naar je toe met brandwonden. Voor de veiligheid is het dan erg belangrijk om te weten of er nog brand is. Je kunt bij voorkeur iemand anders sturen om dit te controleren terwijl je zelf bij het slachtoffer blijft. Nu weet je dat er voor de veiligheid gezorgd wordt en kun je verder met het behandelen van je slachtoffer.
Eerst uitzoeken wat er is gebeurd en daarna wat het slachtoffer mankeert, is bewust gekozen. Stel: je weet niet wat er is gebeurd maar ziet alleen een letsel dan zou je jezelf kunnen vergissen in de behandeling of andere letsels over het hoofd zien. Een voorbeeld hiervan is een slachtoffer met een brandwond op zijn hand. Je behandelt de brandwondvolgens de richtlijnen. Je weet niet dat de brandwond door elektriciteit is gekomen omdat die persoon zich bijvoorbeeld schaamt. Aan inwendig letsel wordt hierdoor geen aandacht besteed. Dit slachtoffer moet door een dokter gezien worden terwijl het brandwondje zelf te behandelen is.
Heb je geen stille getuigen, geen omstanders die in de buurt waren en een slachtoffer dat bewusteloos is, dan heb je niet direct een idee wat er gebeurd is. Je start dan zo snel mogelijk met ademhaling controlerenen start wanneer nodig met reanimatie. Zie je andere letselsdie je kan behandelen, maak dan een keuze of dit noodzakelijk is. Een bewusteloos slachtoffer waarvan je de oorzaak niet kent kun je beter zo min mogelijk bewegen. Vergeet niet de hulpdienstente alarmeren.
We benaderen een slachtoffer volgens de ABC methode. Deze ABC methode is een goede manier om snel te weten te komen hoe het met de vitale functies van het slachtoffer is. Hierbij staan de letters A, B en C vooer een te controleren onderdeel.
- de A staat voor Airway (ademweg).
Hierbij zorg je ervoor dat de luchtweg van het slachtoffer vrij is. Dit doe je door de kinlift. - de B staat voor Breathing (ademhaling).
Hierbij controleer je de ademhaling door te voelen, te kijken en te luisteren. - de C staat voor Circulation (Bloedsomloop).
Hierbij let je op ernstig uitwendig bloedverlies.
Bij aankomst bij een slachtoffer kun je de ABC het snelst controleren door het aanspreken van het slachtoffer en te kijken naar bloedverlies. Is het slachtoffer niet aanspreekbaar dan ga je de kinlift doen en ademhaling controleren.


