Home Nieuwsbrief Downloads Contact Links Wenskaarten Weblog
Tekst herzien: 15 mei 2012 (Richtlijn 2010)

Bewustzijn en ademhaling controleren


Controleer het bewustzijn

Controleer het bewustzijn van het slachtoffer. Ga op je knieën aan de zijde van het gezicht zitten en spreek het slachtoffer aan. Geef een opdracht als: “Doe je ogen eens open” of “Kijk mij eens aan”. Schudt zacht aan de schouders. Dit doe je omdat het slachtoffer iets aan het gehoor zou kunnen mankeren. Reageert het slachtoffer, probeer erachter te komen wat er is gebeurd en wat het slachtoffer mankeert.


Reageert het slachtoffer niet dan heb je hulp nodig. Vraag een omstander of hij kan helpen. Vraag niet: "Wie kan er helpen?" omdat er niet altijd spontaan gereageerd wordt. Ben je alleen met het slachtoffer dan roep je hard om hulp. Je hebt hulp nodig om met de hulpdiensten te laten bellen of een AED te halen zodat je zelf verder kunt met behandelen.


Ademhaling controleren

Als het slachtoffer bewusteloos is ga je controleren of er ademhaling is. Dit doen we met de kinlift. De kinlift is stap 2 tot 4.

  1. Draai het slachtoffer indien nodig van buik naar rug.
  2. Leg je hand aan de kant van het hoofd op het voorhoofd van het slachtoffer.
  3. Zet je vingertoppen van wijs- en middelvinger van de andere hand aan de onderkant van de kin. Druk niet op het zachte gedeelte want dan sluit je de luchtweg af.
  4. Kantel het hoofd iets achterover en til de kin iets omhoog.
  5. Ga nu je met je hoofd boven het gezicht van het slachtoffer hangen. Je kijkt daarbij naar de kant van de buik van het slachtoffer en je houdt je wang boven de mond.

In deze houding kun je controleren of het slachtoffer nog ademt. Op deze manier kun je zien (kijk naar buik en borstkas), luisteren (oor dichtbij neus en mond) en voelen (wang boven de mond) of er een normale, abnormale of geen ademhaling is.


Deze controle doe je maximaal 10 seconden lang. In 10 seconden zou je normaal ongeveer 2 ademhalingen tellen. Controleer je te kort dan kan het zijn dat je tussen 2 ademhalingen controleert en het lijkt of het slachtoffer niet ademt. Als je na 10 seconde niet zeker bent of je ademhaling hebt gezien handel je alsof het slachtoffer niet ademt. Let op dat je gaspen niet met adem halen verward. Als het slachtoffer niet ademt gaan we ervan uit dat de bloedsomloop ook stil staat.


Je kunt 3 dingen ontdekt hebben. Het slachtoffer heeft een normale, een abnormale of geen ademhaling. Als het bewusteloze slachtoffer normaal adem haalt laat je iemand 112 bellen, leg je het slachtoffer in stabiele zijligging en controleer je de ademhaling om de minuut, 10 seconden. Leg daarvoor je hand met gespreide vingers op het zachte gedeelte net onder de borstkas met je vingers naar het hoofd wijzend. En je andere hand met gespreide vingers op de rug.


Als je geen ademhaling meer voelt draai je het slachtoffer op de rug door te duwen tegen de heup en het hoofd te begeleiden en start je de reanimatie. Laat dan nogmaals 112 bellen om de reanimatie door te geven. Meldt daarbij ook het gebruik van een AED. Ben je alleen dan bel je zelf. Als je eenmaal bent begonnen met reanimeren stop je niet meer totdat: of iemand je na 2 minuten overneemt of ambulance-personeel dit zegt of het slachtoffer weer bij bewustzijn komt.


In sommige gevallen moet je eerst een minuut reanimeren voor je de hulpdiensten belt omdat het slachtoffer in deze gevallen bij snelle reanimatie bij kan komen.


Uitleg van de reanimatie richtlijn komen van de NRR en BRC aan de hand van de ERC richtlijnen van 2010.
Naar boven

Ademhaling

Ademhalen is een van de vitale functies. Daarom is snel handelen van levensbelang. Snel handelen en alarmeren kan een leven redden.

Lees ook:

Hyperventilatie
Flauwte
Reanimatie-toets

Advertentie links

Volg ons op

Volg ikEHBO_nl op Twitter Volg ikEHBO_nl op Facebook