Botbreuken
Botten zijn de hardste delen van het lichaam. Alle botten samen vormen het skelet. Het skelet geeft vorm en stevigheid aan het lichaam en beschermt belangrijke organen. Ondanks dat botten zo hard en sterk zijn kunnen ze scheuren, breken of splinteren. Dit zijn pijnlijke letsels. De eerste hulp bestaat voornamelijk uit het zorgen voor ondersteuning zodat het lichaamsdeel zo onbeweeglijk mogelijk blijft en bij open botbreukeninfectie voorkomen. Daarnaast professionele hulp inschakelen.
Breken, scheuren of splinteren van botten kan komen door direct geweld, indirect geweld,
overbelasting of ziekte/ouderdom.
Door direct inwerkend geweld is door een klap, stoot of val. Hierbij breekt het bot
wat hier direct door getroffen wordt. Bij indirect geweld is het verschil dat een bot
breekt dat verderop in het skelet zit. Denk aan het springen van grote hoogte waarbij bij
landen op de voeten een onderbeen breekt. Overbelasting is bijvoorbeeld een gewichtheffer
die een zwaarder gewicht tilt dan de botten kunnen hebben. Ook kan door ouderdom of
botontkalking een bot sneller breken.
Breken van botten doet pijn. Deze pijn komt door het kapot gaan van botvlies wat om de botten zit. Hierin zitten veel zenuwen en bloedvaatjes. Beweging doet pijn. Bewegen kan ook voor meer schade zorgen. Daarom moet een breuk onbeweeglijk gehouden worden. Vaak doet een slachtoffer dit al. Als EHBO-er probeer je steun te geven aan het gebroken ledemaat door een mitella of brede das voor armen of schouder en een dekenrol langs een been.
Breuken kun je niet altijd zien. Als je het vermoeden hebt dat er een breuk kan zijn dan is kan een röntgenfoto duidelijkheid geven. Daarom moet een slachtoffer naar een dokter. Bij breuken in de arm of schouder kan dit vaak door eigen vervoer (natuurlijk niet zelf rijden) bij een been, heup of rug/nek wervel moet vaak een ambulance gebeld worden. Is een slachtoffer niet lekker door de pijn, dan kan het ook noodzakelijk zijn bij schouder of armletsel een ambulance te bellen.


