Kleine wondjes
Onder kleine wondjesverstaan we wondjes die niet veel bloeden, die niet groot zijn en niet gevaarlijk vervuild (bijtwonden, diepe steekwonden met vuil voorwerp, enz.). Ze zijn zelf te behandelen met een pleisterof een klein gaasjeen kleefpleister. Schaafplekjes, snijwondjes en prikwondjes zijn de wondjes die hier onder andere bedoeld worden.
Kleine wondjes kun je meestal zelf behandelen tenzij er iets in de wond zit wat je niet kan of mag verwijderen of er een grote kans op infectie of tetanus is. Dit moet je naar eigen inzicht inschatten. Bij twijfel is het verstandig een arts te raadplegen. Iedere wond bevat ziektekiemen. Je kunt een wond goed schoonmaken met kraanwater. Daarna kun je een wondje schoonmaken met een gaasje met ontsmettingsmiddel. Ontsmettingsmiddel en water gebruik je alleen als je niet naar een dokter gaat en dus de wond zelf definitief behandeld. De rede hierachter is dat de wond kan verkleuren en de wondranden niet meer te hechten zijn.
- Maak het wondje en omgeving schoon met water en daarna met ontsmettingsmiddel.
- Raak het wondkussen van de pleister niet aan.
- Knip de pleister op maat en in de juiste vorm (zie pleisterkaart)
- Plak de pleister. Plak nooit in een cirkel (circulair) rondom een lichaamsdeel. Dit voorkomt afknellen bij te strak aanleggen of zwellen.
- Plak openstaande delen van een pleister eventueel af met een kleefpleister.
Hieronder vindt je de pleisterkaart. Op deze kaart kun je vormen zien van pleisters en hoe je ze gebruikt op welk deel van de hand of voet. Deze pleisters blijven beter zitten en zijn comfortabeler dan een traditoneel rechthoekige pleister. Onder de pleisterkaart vind je een link voor het downloaden van deze pleisterkaart als PDF op A4 formaat.


